Euthanasie

Wat is euthanasie?

Het woord ‘euthanasie’ staat voor zelfgekozen levenseinde met behulp van een arts. Officieel wordt dit ‘levensbeëindiging op verzoek’ genoemd. Hierbij dient de arts een middel toe, waardoor de patiënt komt te overlijden.

Ook kan de patiënt kiezen om zelf een middel in te nemen waardoor hij komt te overlijden. Dit heet: hulp bij zelfdoding.

Euthanasie is altijd uit vrije wil; het mag alleen uitgevoerd worden als een patiënt erom vraagt. Het wordt ongeveer zesduizend keer per jaar in Nederland uitgevoerd. Aan deze uitvoering zitten veel regels verbonden. Wanneer een patiënt om euthanasie vraagt, moet er voldaan worden aan de regels van De euthanasiewet.

De euthanasiewet

De Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (WTL), ook wel ‘De euthanasiewet’ genoemd, bestaat sinds 1 april 2001 en is sinds 2002 van kracht. De intrede van deze wet maakte dat levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding onder voorwaarden niet meer strafbaar is in Nederland. Als er afgeweken wordt van deze voorwaarden, is de arts in kwestie strafbaar.

De voorwaarden betrekken zich op de uitvoering, zorgvuldigheid en de toetsingsprocedure van euthanasie.

Euthanasie in de praktijk

Euthanasie wordt meestal verleend aan mensen met chronische ziekten. Om deze mensen te helpen en uit hun lijden te verlossen.

Ook zijn er mensen die in aanmerking komen voor euthanasie, maar waarvoor het moeilijk is om te realiseren. Dit zijn (bijvoorbeeld):

  • Minderjarigen;
  • Mensen met psychiatrische aandoeningen;
  • Mensen die lijden als gevolg van ouderdomsklachten;
  • Dementerende mensen.

Onzorgvuldige euthanasie

Als euthanasie niet volgens de wet is uitgevoerd, dan kan het Openbaar Ministerie (OM) of de Inspectie onderzoek doen en naar de rechter stappen. De straf voor het onzorgvuldig uitvoeren van euthanasie, verschilt:

  • Onzorgvuldige euthanasie kan een gevangenisstraf van maximaal twaalf jaar als gevolg hebben;
  • Onzorgvuldige hulp bij zelfdoding kan leiden tot een gevangenisstraf van maximaal drie jaar.

Wilsverklaring

Een patiënt kan schriftelijk kenbaar maken dat hij euthanasie wil. Een schriftelijke vraag om euthanasie kan ter vervanging dienen van een gesprek. Deze wilsverklaring kan een uitkomst bieden voor als iemand later zijn wens niet meer kan vertellen. De patiënt schrijft op onder welke omstandigheden hij euthanasie zou willen. Dit wordt ook wel een euthanasieverklaring genoemd.

Een wilsverklaring (schriftelijk/mondelijk) alleen is niet genoeg. Er moet aan alle 6 zorgvuldigheidseisen van de wet worden voldaan. Deze zorgvuldigheidseisen zijn:

  • Vrijwillig en goed doordachte keuze
  • Uitzichtloos en ondraaglijk lijden
  • Informeren over de situatie en de vooruitzichten
  • Geen redelijke andere oplossing
  • Raadplegen onafhankelijke arts
  • Medisch zorgvuldige uitvoering

De arts controleert deze eisen. Als aan de eisen voldaan is, kan de arts er nog steeds voor kiezen om geen euthanasie te verlenen.

Wanneer kan euthanasie niet?

De wet schrijft voor dat euthanasie niet mag wanneer:

  • Mensen gezond zijn;
  • Mensen ‘moe van het leven’ of hun leven ‘voltooid’ vinden.

In sommige gevallen willen mensen sterven omdat hun leven klaar en/of voltooid is. Dit kan omdat ze ‘levensmoe’ zijn of vinden dat ze een mooi en lang leven hebben gehad. De wet schrijft echter voor dat geen euthanasie mag worden verleent als het lijden geen medische oorzaak heeft. Als een persoon geen medische klachten heeft of niet wilsbekwaam is, kan er geen euthanasie worden gepleegd. Dit kan in uitzonderlijke gevallen zorgen voor frustraties en uitzichtloze situaties, zoals in deze situatie.